Calvijn en Nérac

Mijn moeder was een Leenmans, en wat je daar ook van kan zeggen: ze was heel wat mans. Als het om mijn huiswerk ging, waren we aan elkaar gewaagd. Overhoren: haar lust en leven; foutje? tien keer overschrijven. Toen ben ik mijn agenda gaan antedateren: het op school al nagekeken huiswerk was mijn opgave: een win-winsituatie noemen we dat tegenwoordig. Tot het voorjaar van 1959 als mijn ouders met vrienden in Genève de herdenking van 450 jaar Calvijn gaan bijwonen. Het is kort voor de zomervakantie dus elke dag wordt er telefonisch geïnformeerd naar mijn vorderingen als brugklasser. Die waren natuurlijk boven verwachting, - in werkelijkheid spijbelde ik er vrolijk op los, eindelijk tijd voor mezelf. Toen mijn ouders thuis kwamen, eerder nog dan de ansicht met de Mur de la Reformation, was ik gedoubleerd. 1]
Vijftig jaar later, - ja dat was even slikken, logeren we bij protestanten in Versailles. Aan de muur hangt een affiche: Jean Calvin, l'audace d'une parole libre. Aan de tekst kun je aflezen hoe het beeld van echte cultuurdragers met de horizon van de tijd meegaat: zo blijven ze bij, zo leven ze met ons mee.

Als student moest ik een stevig deel van de Institutie bestuderen. Dat was geen feest. Inmiddels houd ik me al heel lang aan de huisregel dat er wel boeken maar geen planken bij mogen komen, zodoende heb ik het beroemde leerboek ooit verkocht. Op boekwinkeltjes.nl staan boeken die ik in dit leven niet meer ter hand denk te nemen. Het aardige hiervan is, dat je elk vertrekkend boek nog een keer goed in de ogen kunt kijken, zonder verkoop zou dat er wellicht nooit meer van gekomen zijn. Soms noteer ik de Lesefrucht of een enkel citaat in mijn dagboek. Deze keer is liegt de tekst er niet om:

'Opdat de mensen niet met al te grote begeerte zouden jagen naar vergankelijke rijkdommen, of rust zouden vinden in de rijkdom, die ze bezitten, brengt Hij hen nu eens door onvruchtbaarheid der aarde, dan weer door brand, en dan weer een andere middelen tot armoede. Opdat ze niet al te genoeglijk hun vermaak zouden hebben in de aangenaamheden van het huwelijk, maakt Hij, dat zij door de boosheid van hun vrouwen gekweld worden of Hij vernedert hen door slechte kinderen of treft hen door het verlies van verwanten. [Institutie, boek III, hoofdstuk IX, 1]

 

Exit Institutie, maar daarmee niet de belangstelling voor de geschiedenis van cultuur en religie uit die tijd, want zoals gezegd: het verleden verveelt nooit, het herschrijft zich in elke tijd. En wat ook geducht meetelt: sinds we in Frankrijk wonen, ligt het kasteel in Nérac waar Calvijn in 1534, het jaar van zijn bekering, gelogeerd zou hebben om de hoek: Calvijn nu ook als heemkunde.
In zuidwest Frankrijk ligt het koninkrijk Neder-Navarre, zo zeg je dat vanuit de Pyreneeën en het veel grotere Spaanse Navarra. Jeanne d'Albret [1528 - 1572] is niet alleen protestant maar maakt van Navarre ook een heuse calvinistische staat waar geen pastoor meer in komt. Tijdgenoten meenden dat afgezien van het geslacht, niets manlijks haar vreemd was. In 1553 steunt zij haar man in Noord-Frankrijk in de strijd tegen Karel V. Hoogzwanger hobbelt drie weken lang in een koets terug naar het kasteel in Pau waar zij tien dagen na aankomst op 13 december bevalt van de latere koning Henri IV. Naar de renaissancistische mode van zien en ontdekken wordt de kleine Henri gewiegd in de reusachtige schaal van een schildpad, die in de originele kraamkamer in Pau nog altijd bezichtigd kan worden en niemand minder dan Paul Celan tot een gedicht inspireerde. Henri-Paris-vaut-bien-une-messe wordt in 1589 de eerste koning van Frankrijk en Navarra. Een titel die de Franse koningen sindsdien tot de Franse Revolutie zullen dragen. Henri IV geldt als de uitvinder van godsdiensttolerantie: praten is beter dan elkaar de hersens inslaan. kortom: een parlement.
De grootmoeder van Henri IV: Margaretha van Angoulême [Navarra of Valois, 1492 - 1549] is een zus van koning Frans I aan wie Calvijn zijn institutie opdraagt in een voorwoord waarin hij het protestantisme probeert te zuiveren van laster. Anders dan haar dochter Jeanne, die in 1560 protestant werd 2] blijft Margaretha haar leven lang katholiek zij het met grote sympathie voor de reformatie: een erudiete vrouw, vertrouwd met Latijn, Italiaans, Spaans en later ook Hebreeuws, die met beroemde tijdgenoten onder wie Calvijn correspondeerde. Zij schreef toneelstukken en een pikante variant op de Decamarone. Op het kasteel in Nérac verzamelde en beschermde zij n van ketterij verdachte geleerden onder wie de humanist Jacques Lefèbre d'Étaples, een vriend van Calvijn die de eerste vertaling van de Franse bijbel bezorgde. Als vluchteling, kort na zijn eigen bekering zou Calvijn hem daar in Nérac bezocht hebben, zoals later ook Beza op het kasteel logeerde.
Opvallend zijn de vele contacten van Calvijn met royalty's overal in Europa. Zo correspondeerde hij met Eduard VI in Engeland,  en vooral van 1537 tot zijn dood in 1564 als geestelijk raadsman van Renée de France, dochter van Lodewijk XII en zwager van Frans I. Zij werd uitgehuwelijkt aan de fel katholieke Hercule d'Este, hertog van Ferrara - waar Calvijn haar in 1537 ook bezocht - terwijl de arme Hercule op zijn sterfbed in 1559 zijn vrouw nog laat zweren nooit meer met Calvijn te zullen corresponderen…

 

De festiviteiten rond 500 jaar Calvijn waren voor mij een goed moment om een paar min of meer recente studies over de reformator te lezen, vaak met rode oortjes 3]. Wat mij fascineerde, is de weloverwogen manier waarop Calvijn de in Genève opgeleide studenten als predikanten 'terug plaatst' op strategische plekken in de steden van de opkomende burgers en handelaren, in nauw contact ook met medestanders als Jeanne d'Albret, die er niet alleen twaalf bestelt maar ook een hoge kwaliteit bedingt. 4]
Boeren a la campagne hebben geen enkele prioriteit. Domheid en bijgeloof vieren daar hoogtij, het zou alleen maar verspilling van talent zijn. Dit gegeven komt overeen met wat in de dagboeken van de familie Platter naar voren komt 5]: 'Het is juist dat er in de bergen maar zelden wordt gepreekt, omdat de gereformeerde predikanten er niet kunnen komen en de boeren vaak ver van de kerk wonen, waardoor ze grof en goddeloos worden; de boze kan hen gemakkelijk in verzoeking brengen. Daardoor krijg je heksen en meestertovenaars, waarvan het in die bergen wemelt.’ Het is duidelijk: hier begint een nieuw hoofdstuk: Lourdes!

Wat mij in deze verhalen treft, is de welhaast militaire strategie, die het bijgeloof en de hele boerenstand laat voor wat het is. Voor mij een reden nog eens de ogen uit te wrijven, immers: iedere ziel die voor eeuwig verloren gaat, is er één. Die overweging laat zien hoe mijn beeld van Calvijn bepaald is door de Nadere Reformatie uit de 17e eeuw en het Piëtisme dat daar in de l9e eeuw nog eens overheen kwam.

 

[XII 2009]

 

 

1] Het enorme monument [100 x 10 meter] volgt en vervangt de oude stadsmuur en ziet uit op een park. Bij de herdenking van 400 jaar Calvijn was het niet klaar omdat de financiering minder snel rond was dan verwacht. Zo gingen principes en de hand op de knip bij de gereformeerden in Nederland weer eens heel goed samen. Was Calvijn niet wars van mensverheerlijking? Had hij zelf niet voor een anoniem graf gekozen? En is dat tot op de huidige dag niet de situatie op het Plain-Palais in Genève? Dat laatste afgezien van de later toegevoegde kleine steen met slechts twee, bovendien polyvalente, initialen J.C.
2] Brief d.d. 16 januari 1561 waarin Calvijn Jeanne d'Albret feliciteert met de overgang naar de Reformatie: 'Terwijl koningen en vorsten zich meestentijds aan de onderwerping van Jezus Christus willen onttrekken, en gewoon zijn, het hun geschonken voorrecht tot een schild te maken, onder voorwendsel, dat zij zich krachtens hun aanzien zelfs schamen, tot de kudde van de grote Herder te behoren, zo moet u, Mevrouw, daarentegen bedenken, dat de waardigheid en de hoogheid, waartoe de goede God u verheven heeft, voor u een dubbele band moet zijn, om Hem te gehoorzamen. Want van Hem hebt u alles ontvangen, en naarmate men heeft, naar die mate moet men ook rekenschap afleggen. Daar ik echter zie, hoe Gods Geest u leidt, zo heb ik meer aanleiding, Hem te danken, dan u te vermanen, en te doen, of u nog een prikkel zou nodig hebben. [Johannes Calvin's Lebenswerk in seinen Briefen, ed. Rudolf Schwarz, 3 Bde, 1961.
3] Als een gedurfde roman leest het boek waarmee W.J. Bouwsma, de Amerikaanse kenner van de renaissance vriend en vijand verraste: Johannes Calvijn, De man en zijn tijd [1991]. Met het oog op het Calvijnjaar verscheen het eveneens plezierig lezende Calvijn, een mens van Herman Seldenhuis [2008] en werd eindelijk de erudiete studie [1995] van de uit een geslacht van schilders en musici afkomstige Bernard Cottret uit het Frans vertaald: Calvijn, Biografie [2005].
4] In een brief uit juni 1563 aan Jeanne d'Albret: 'Wanneer zij niet zo voortreffelijk zijn, als u zou wensen, dan verzoek ik u, Mevrouw, geduld te hebben, want het is geen koopwaar, die men steeds overeenkomstig zijn wens kan bekomen. In ieder geval hopen mijn collega’s, dat de twaalf mannen tamelijk geschikt en voldoende zullen zijn, om het volk naar uw tevredenheid te onderrichten.[Schwartz, a.w.]
5] Zie onder kunst en literatuur op deze site: Een brug zo hoog als ook wij vergeven onze schuldenaren.